oostpunt
zelfstandig naamwoordBetekenis
- punt aan de horizon waar de zon op 21 maart en 22 september opkomt
- meest oostelijke uiteinde
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| oostpunten | meervoud |
| oostpuntje | verkleinwoord, enkelvoud |
| oostpuntjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van oost en punt
Woordfamilie van oostpunt
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| oostpunten | meervoud | oostpunt |
| oostpuntje | verkleinwoord | oostpunt |
| oostpuntjes | verkleinwoord meervoud | oostpunt |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van oostpunt zijn vastgelegd.