ontbloot
werkwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- niet door kleding bedekt
Woordvorm
- enkelvoud tegenwoordige tijd van ontbloten
- gebiedende wijs van ontbloten
- voltooid deelwoord van ontbloten
Vervoeging van ontbloot
ontbloothele werkwoord
Herkomst
*vervoeging van ontbloten: de stam zonder -t omdat de stam al op -t eindigt en zonder ge- vanwege voorvoegsel
Woordfamilie van ontbloot
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ontbloots | woordvorm | ontbloot |
| ontblootst | woordvorm | ontbloot |
| ontblootste | woordvorm | ontbloot |
| ontbloter | woordvorm | ontbloot |
| ontblotere | woordvorm | ontbloot |
| ontbloters | woordvorm | ontbloot |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ontbloot zijn vastgelegd.