onrustzaaier
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die opschudding teweegbrengt met schrikbarende verhalen die vaak overdreven of gewoonweg onwaar zijn
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| onrustzaaiers | meervoud |
| onrustzaaiertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| onrustzaaiertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Samenstellende afleiding van onrust en de stam van zaaien met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van onrustzaaier
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onrustzaaiers | meervoud | onrustzaaier |
| onrustzaaiertje | verkleinwoord | onrustzaaier |
| onrustzaaiertjes | verkleinwoord meervoud | onrustzaaier |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onrustzaaier zijn vastgelegd.