ongunst
zelfstandig naamwoordBetekenis
- onwelwillende gezindheid, ongenade
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ongunsten | meervoud |
| ongunstje | verkleinwoord, enkelvoud |
| ongunstjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
antoniem van gunst met het voorvoegsel on-
Woordfamilie van ongunst
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ongunsten | meervoud | ongunst |
| ongunstje | verkleinwoord | ongunst |
| ongunstjes | verkleinwoord meervoud | ongunst |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ongunst zijn vastgelegd.