oker
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord ˈokərBetekenis
- van Frans ocre, van Latijn ochra, van Oudgrieks ochra
- van Surinaams okro
- een mineraal dat als gele of oranje kleurstof gebruikt wordt
- tropische vruchtgroente
- okergeel hebbend als kleur
Hoe spreek je oker uit?
/ˈokər/
Oker bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| o | boot |
| k | kat |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- mineraal dat als gele of oranje kleurstof gebruikt wordt
- tropische vruchtgroente, Abelmoschus esculentus
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| okers | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘gele verf uit bepaalde aardsoort’ voor het eerst aangetroffen in 1567
Woordfamilie van oker
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| okers | meervoud | oker |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van oker zijn vastgelegd.