normaalspoor
zelfstandig naamwoordBetekenis
- spoor met genormeerde breedte, te weten 4 Engelse voet en 8½ inch of 1435 millimeter gemeten tussen de railkoppen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| normaalspoortje | verkleinwoord, enkelvoud |
| normaalspoortjes | verkleinwoord, meervoud |
| normaalsporen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van normaal en spoor
Woordfamilie van normaalspoor
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| normaalspoortje | verkleinwoord | normaalspoor |
| normaalspoortjes | verkleinwoord meervoud | normaalspoor |
| normaalsporen | meervoud | normaalspoor |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van normaalspoor zijn vastgelegd.