noodwet
zelfstandig naamwoordBetekenis
- wetten en regels die in een land betrekking hebben op noodsituaties
- tijdelijke wet in afwachting van een definitieve wet
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| noodwetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| noodwetjes | verkleinwoord, meervoud |
| noodwetten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van nood zn en wet zn
Woordfamilie van noodwet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| noodwetje | verkleinwoord | noodwet |
| noodwetjes | verkleinwoord meervoud | noodwet |
| noodwetten | meervoud | noodwet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van noodwet zijn vastgelegd.