nitwit
zelfstandig naamwoordBetekenis
- onwetende sukkel met weinig kennis van zaken
zelfstandig naamwoord — masculine
- iemand met weinig of geen kennis van zaken pejorative
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nitwitje | verkleinwoord, enkelvoud |
| nitwitjes | verkleinwoord, meervoud |
| nitwits | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, zie verder aldaar. In de betekenis van ‘iemand die niets weet’ voor het eerst aangetroffen in 1971
Woordfamilie van nitwit
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nitwitje | verkleinwoord | nitwit |
| nitwitjes | verkleinwoord meervoud | nitwit |
| nitwits | meervoud | nitwit |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nitwit zijn vastgelegd.