nachtraaf
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand (meestal een vrouw) die ervan houdt tot laat in de nacht te feesten
- iemand die tot laat in de nacht doorwerkt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nachtraafje | verkleinwoord, enkelvoud |
| nachtraafjes | verkleinwoord, meervoud |
| nachtraven | meervoud |
Herkomst
samenstelling van nacht zn en raaf zn
Woordfamilie van nachtraaf
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nachtraafje | verkleinwoord | nachtraaf |
| nachtraafjes | verkleinwoord meervoud | nachtraaf |
| nachtraven | meervoud | nachtraaf |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nachtraaf zijn vastgelegd.