muurplaat
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een zware houten balk of plaat in de lengte op een buitenmuur bevestigd als ondersteuning voor de daksporen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| muurplaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| muurplaatjes | verkleinwoord, meervoud |
| muurplaten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van muur en plaat
Woordfamilie van muurplaat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| muurplaatje | verkleinwoord | muurplaat |
| muurplaatjes | verkleinwoord meervoud | muurplaat |
| muurplaten | meervoud | muurplaat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van muurplaat zijn vastgelegd.