mousse
zelfstandig naamwoordBetekenis
- Een licht en luchtig (na)gerecht van zoete of hartige ingrediënten. De basis vormt een vla van eidooier waardoor stijf geslagen eiwit en/of slagroom wordt geschept tot een gelijkmatig geheel.
- haar met haarcrème in vorm brengen
- mousse
- crème
- haarcrème
- schuimrubber vulling voor lekvrije banden
- schuim, luchtige massa
- mos
- scheepsjongen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mousseje | verkleinwoord, enkelvoud |
| moussejes | verkleinwoord, meervoud |
| mousses | meervoud |
| moussetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| moussetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘gerecht van stijfgeklopte room’ voor het eerst aangetroffen in 1929
Woordfamilie van mousse
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mousseje | verkleinwoord | mousse |
| moussejes | verkleinwoord meervoud | mousse |
| mousses | meervoud | mousse |
| moussetje | verkleinwoord | mousse |
| moussetjes | verkleinwoord meervoud | mousse |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mousse zijn vastgelegd.