morsdoek
zelfstandig naamwoordBetekenis
- doekje waarop met name een kind kan morsen tijdens het eten of drinken zodat de kleren schoon blijven
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| morsdoeken | meervoud |
| morsdoekje | verkleinwoord, enkelvoud |
| morsdoekjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van mors ww en doek zn
Woordfamilie van morsdoek
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| morsdoeken | meervoud | morsdoek |
| morsdoekje | verkleinwoord | morsdoek |
| morsdoekjes | verkleinwoord meervoud | morsdoek |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van morsdoek zijn vastgelegd.