mobiliteitsplan
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een plan om de mobiliteit te bevorderen en/of de verkeerstoestroom op te vangen.
zelfstandig naamwoord — neuter
- een plan om de mobiliteit te bevorderen en/of de verkeerstoestroom op te vangen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mobiliteitsplannen | meervoud |
| mobiliteitsplannetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| mobiliteitsplannetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van mobiliteit zn en plan zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van mobiliteitsplan
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mobiliteitsplannen | meervoud | mobiliteitsplan |
| mobiliteitsplannetje | verkleinwoord | mobiliteitsplan |
| mobiliteitsplannetjes | verkleinwoord meervoud | mobiliteitsplan |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mobiliteitsplan zijn vastgelegd.