minaret
zelfstandig naamwoordBetekenis
- slanke, ronde toren bij een moskee
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| minaretje | verkleinwoord, enkelvoud |
| minaretjes | verkleinwoord, meervoud |
| minaretten | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘toren van een moskee’ voor het eerst aangetroffen in 1698
Woordfamilie van minaret
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| minaretje | verkleinwoord | minaret |
| minaretjes | verkleinwoord meervoud | minaret |
| minaretten | meervoud | minaret |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van minaret zijn vastgelegd.