mesttor
zelfstandig naamwoordBetekenis
- insect dat leeft van paarden- en koeienmest
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- Geotrupes stercorarius insect dat leeft van paarden- en koeienmest
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mesttorren | meervoud |
| mesttorretje | verkleinwoord, enkelvoud |
| mesttorretjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van mest zn en tor zn
Woordfamilie van mesttor
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mesttorretje | verkleinwoord | mesttor |
| mesttorretjes | verkleinwoord meervoud | mesttor |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mesttor zijn vastgelegd.