melkboerin
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand (vrouw) die langs de deur ging met voornamelijk melk en zuivelproducten, en eventueel een winkel dreef.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| melkboerinnen | meervoud |
| melkboerinnetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| melkboerinnetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Afgeleid van melkboer met het achtervoegsel -in
Woordfamilie van melkboerin
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| melkboerinnen | meervoud | melkboerin |
| melkboerinnetje | verkleinwoord | melkboerin |
| melkboerinnetjes | verkleinwoord meervoud | melkboerin |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van melkboerin zijn vastgelegd.