markeerstift
zelfstandig naamwoord /mɑr.ˈkeːr.stɪft/Betekenis
- (Noord-Nederland), een viltstift waarmee men stukken tekst aan de hand van kleuren doet opvallen
Hoe spreek je markeerstift uit?
/mɑrˈkerstɪft/
Markeerstift bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| k | kat |
| e | veel |
| s | sok |
| t | tak |
| ɪ | pit |
| f | fiets |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- , een viltstift waarmee men stukken tekst aan de hand van kleuren doet opvallen Northern-Netherland
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| markeerstiften | meervoud |
| markeerstiftje | verkleinwoord, enkelvoud |
| markeerstiftjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van markeer ww en stift zn
Woordfamilie van markeerstift
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| markeerstiften | meervoud | markeerstift |
| markeerstiftje | verkleinwoord | markeerstift |
| markeerstiftjes | verkleinwoord meervoud | markeerstift |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van markeerstift zijn vastgelegd.