mantelpak
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een kledingensemble gedragen door vrouwen, bestaande uit een blazer en een rok gemaakt van dezelfde stof. De voorloper van het mantelpak was het paardrijkostuum
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mantelpakje | verkleinwoord, enkelvoud |
| mantelpakjes | verkleinwoord, meervoud |
| mantelpakken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van mantel en pak
Woordfamilie van mantelpak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mantelpakje | verkleinwoord | mantelpak |
| mantelpakjes | verkleinwoord meervoud | mantelpak |
| mantelpakken | meervoud | mantelpak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mantelpak zijn vastgelegd.