manco
zelfstandig naamwoord ˈmɑŋkoBetekenis
- een tekort of gebrek.
- eenarmig
Hoe spreek je manco uit?
/ˈmɑŋko/
Manco bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| k | kat |
| o | boot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| manco's | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘gebrek, tekort’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1824
Woordfamilie van manco
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| manco's | meervoud | manco |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van manco zijn vastgelegd.