lustrum
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een periode van vijf jaar
- een viering van het vijfde jaar sinds de stichting van iets of sinds het vorige lustrum
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| lustra | meervoud |
| lustrums | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘vijfjarig tijdvak’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1824
Woordfamilie van lustrum
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| lustra | meervoud | lustrum |
| lustrums | meervoud | lustrum |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lustrum zijn vastgelegd.