luchtpijp
zelfstandig naamwoord ˈlʏx(t)pɛipBetekenis
- de luchtweg tussen het strottenhoofd tot aan de opsplitsing in de hoofdbronchi
- een pijpje waardoor ademgehaald kan worden
Hoe spreek je luchtpijp uit?
/ˈlʏxtpɛip/
Luchtpijp bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| ʏ | put |
| x | acht |
| t | tak |
| p | pak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| luchtpijpen | meervoud |
| luchtpijpje | verkleinwoord, enkelvoud |
| luchtpijpjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van lucht en pijp
Woordfamilie van luchtpijp
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| luchtpijpen | meervoud | luchtpijp |
| luchtpijpje | verkleinwoord | luchtpijp |
| luchtpijpjes | verkleinwoord meervoud | luchtpijp |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van luchtpijp zijn vastgelegd.