luchthavengebouw
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het gebouw van een luchthaven waarin o.a. de aankomst- en vertrekhal en de verkeerstoren gesitueerd zijn
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| luchthavengebouwen | meervoud |
| luchthavengebouwtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| luchthavengebouwtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van luchthaven zn en gebouw zn
Woordfamilie van luchthavengebouw
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| luchthavengebouwen | meervoud | luchthavengebouw |
| luchthavengebouwtje | verkleinwoord | luchthavengebouw |
| luchthavengebouwtjes | verkleinwoord meervoud | luchthavengebouw |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van luchthavengebouw zijn vastgelegd.