lounge
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- comfortabele zitruimte of wachtruimte
- makkelijke muziek die geschikt is om in een wachtruimte gespeeld te worden
- hal, gang
- zitkamer,
- sofa
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| lounges | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van loungen
- gebiedende wijs van loungen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van loungen
- aanvoegende wijs van loungen
Vervoeging van lounge
loungehele werkwoord
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘hal van hotel’ voor het eerst aangetroffen in 1926
Woordfamilie van lounge
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| lounges | meervoud | lounge |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lounge zijn vastgelegd.