loopsheid
zelfstandig naamwoordBetekenis
- vruchtbare periode van bepaalde vrouwtjes zoogdieren (zoals honden, vossen en fretten
zelfstandig naamwoord
- vruchtbare periode van bepaalde vrouwtjes zoogdieren (zoals honden, vossen en fretten)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| loopsheden | meervoud |
Herkomst
afleiding van loops met het achtervoegsel -heid
Woordfamilie van loopsheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| loopsheden | meervoud | loopsheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van loopsheid zijn vastgelegd.