loopband
zelfstandig naamwoordBetekenis
- fitness apparaat waarop men wandelen of hardlopen kan simuleren
- een horizontale of hellende lopende band waarmee mensen vervoerd worden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| loopbanden | meervoud |
| loopbandje | verkleinwoord, enkelvoud |
| loopbandjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van lopen ww en band zn
Woordfamilie van loopband
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| loopbanden | meervoud | loopband |
| loopbandje | verkleinwoord | loopband |
| loopbandjes | verkleinwoord meervoud | loopband |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van loopband zijn vastgelegd.