lommerd
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een kredietinstelling waar leningen afgesloten kunnen worden tegen een onderpand van roerende goederen, waarbij die goederen bij niet terugbetalen door de lommerd worden verkocht.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| lommerdje | verkleinwoord, enkelvoud |
| lommerdjes | verkleinwoord, meervoud |
| lommerds | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘pandjeshuis’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1429
Woordfamilie van lommerd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| lommerdje | verkleinwoord | lommerd |
| lommerdjes | verkleinwoord meervoud | lommerd |
| lommerds | meervoud | lommerd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lommerd zijn vastgelegd.