lidmaatschap
zelfstandig naamwoord ˈlɪtmatsxɑpBetekenis
- de status van iemand als lid van een organisatie
Hoe spreek je lidmaatschap uit?
/ˈlɪtmatsxɑp/
Lidmaatschap bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| ɪ | pit |
| t | tak |
| m | maan |
| a | maan |
| s | sok |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| lidmaatschapje | verkleinwoord, enkelvoud |
| lidmaatschapjes | verkleinwoord, meervoud |
| lidmaatschappen | meervoud |
Herkomst
Afgeleid van lidmaat met het achtervoegsel -schap
Woordfamilie van lidmaatschap
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| lidmaatschapje | verkleinwoord | lidmaatschap |
| lidmaatschapjes | verkleinwoord meervoud | lidmaatschap |
| lidmaatschappen | meervoud | lidmaatschap |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lidmaatschap zijn vastgelegd.