kribbebijten
werkwoordBetekenis
- een ondeugd van ezels en paarden om aan de voerbak of staldeur te knagen
- in een narrige bui met iedereen ruzie maken
Vervoeging van kribbebijten
kribbebijtenhele werkwoord — -voltooid deelwoord
Alle 2 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | verleden tijd |
| - | verleden tijd, deelwoord |
Herkomst
samenstelling van kribbe zn en bijten ww
Woordfamilie van kribbebijten
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kribbebijt | woordvorm | kribbebijten |
| kribbebijtend | woordvorm | kribbebijten |
| kribbebijtende | woordvorm | kribbebijten |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kribbebijten zijn vastgelegd.