kreupele
bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈkrøpələBetekenis
- iemand die door een aandoening aan één been niet goed lopen kan
Hoe spreek je kreupele uit?
/ˈkrøpələ/
Kreupele bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| r | rood |
| ø | deur |
| p | pak |
| ə | de |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van kreupel
Woordvorm
- aanvoegende wijs van kreupelen
Vervoeging van kreupele
kreupelehele werkwoord
Herkomst
bn: kreupel met de uitgang -e