koolmees
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een geel met zwarte zangvogel
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- Parus major een geel met zwarte zangvogel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| koolmeesje | verkleinwoord, enkelvoud |
| koolmeesjes | verkleinwoord, meervoud |
| koolmezen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘zangvogel’ voor het eerst aangetroffen in 1567
Woordfamilie van koolmees
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| koolmeesje | verkleinwoord | koolmees |
| koolmeesjes | verkleinwoord meervoud | koolmees |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van koolmees zijn vastgelegd.