knaapje
zelfstandig naamwoord ˈknapjəBetekenis
- aan een kapstok te hangen voorwerp om kleding over te hangen
Hoe spreek je knaapje uit?
/ˈknapjə/
Knaapje bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| n | nek |
| a | maan |
| p | pak |
| j | ja |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- alleen verkleinwoord aan een kapstok te hangen voorwerp om kleding over te hangen
Woordvorm
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord knaap
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| knaapjes | verkleinwoord, enkelvoud |
Herkomst
afgeleid van knaap met het achtervoegsel -je **[2] (figuurlijk) gebruik van [1] voor voorwerpen die een steunende of dragende functie hadden, in de betekenis van ‘klerenhanger’ voor het eerst aangetroffen in 1837