kleerhaak
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een haak die aan de muur vastzit waaraan men kleren kan ophangen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kleerhaakje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kleerhaakjes | verkleinwoord, meervoud |
| kleerhaken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van kleren en haak
Woordfamilie van kleerhaak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kleerhaakje | verkleinwoord | kleerhaak |
| kleerhaakjes | verkleinwoord meervoud | kleerhaak |
| kleerhaken | meervoud | kleerhaak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kleerhaak zijn vastgelegd.