kina
zelfstandig naamwoord ˈkinaBetekenis
- geslacht van planten, kinaboom
- bast van zo'n boom (kinabast), grondstof voor kinine
- (eigenlijk Papoease kina), munteenheid van Papoea-Nieuw-Guinea
- klaaggedicht, treurzang
Hoe spreek je kina uit?
/ˈkina/
Kina bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| i | riet |
| n | nek |
| a | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- benaming voor planten uit het geslacht Cinchona, ongeveer 38 soorten planten uit de familie Rubiaceae, uit het tropische Andesbos in westelijk Zuid-Amerika. Het zijn planten met een medicinale toepassing, bekend als bron voor de organische stof kinine en andere grondstoffen
- bast van een boom uit het geslacht Cinchona, grondstof voor kinine
- bitter drankje bereid uit de bast van een boom uit het geslacht Cinchona
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kina's | enkelvoud |
zelfstandig naamwoord — masculine
- munteenheid van Papoea-Nieuw-Guinea (voluit: Papoease kina)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kina's | enkelvoud |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kinot | enkelvoud |
Woordfamilie van kina
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kina's | enkelvoud | kina |
| kinot | enkelvoud | kina |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kina zijn vastgelegd.