kilt
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- geruite wollen rok deel van het Schotse nationale kostuum
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kilts | meervoud |
Woordvorm
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van killen
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van killen
- gebiedende wijs meervoud van killen
Vervoeging van kilt
kilthele werkwoord
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘Schotse rok’ voor het eerst aangetroffen in 1847
Woordfamilie van kilt
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kilts | meervoud | kilt |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kilt zijn vastgelegd.