kerstkaart
zelfstandig naamwoord ˈkɛrs(t)kartBetekenis
- een wenskaart die wordt gekenmerkt door een kerstgroet en wensen voor het komende nieuwe jaar
Hoe spreek je kerstkaart uit?
/ˈkɛrstkart/
Kerstkaart bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɛ | bed |
| r | rood |
| s | sok |
| t | tak |
| a | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kerstkaarten | meervoud |
| kerstkaartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kerstkaartjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van kerst en kaart
Woordfamilie van kerstkaart
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kerstkaarten | meervoud | kerstkaart |
| kerstkaartje | verkleinwoord | kerstkaart |
| kerstkaartjes | verkleinwoord meervoud | kerstkaart |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kerstkaart zijn vastgelegd.