jonker
zelfstandig naamwoordBetekenis
- jonkheer
- landjonker
zelfstandig naamwoord — masculine
- Pseudagrion libelle uit een geslacht van libellen (Odonata) uit de familie van de waterjuffers (Coenagrionidae)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| jonkers | meervoud |
| jonkertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| jonkertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘aanspreektitel voor adelborst’ voor het eerst aangetroffen in 1631
Woordfamilie van jonker
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| jonkertje | verkleinwoord | jonker |
| jonkertjes | verkleinwoord meervoud | jonker |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van jonker zijn vastgelegd.