janplezier
zelfstandig naamwoordBetekenis
- door paarden getrokken, overkapt rijtuig voor een groot aantal personen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| janplezieren | meervoud |
| janpleziers | meervoud |
| janpleziertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| janpleziertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van jan en plezier
Woordfamilie van janplezier
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| janplezieren | meervoud | janplezier |
| janpleziers | meervoud | janplezier |
| janpleziertje | verkleinwoord | janplezier |
| janpleziertjes | verkleinwoord meervoud | janplezier |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van janplezier zijn vastgelegd.