jaknikker
zelfstandig naamwoord ˈjaknɪkərBetekenis
- iemand die de eigen mening niet uitspreekt
- een pomp met een tegengewicht die constant op en neer gaat
Hoe spreek je jaknikker uit?
/ˈjaknɪkər/
Jaknikker bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| j | ja |
| a | maan |
| k | kat |
| n | nek |
| ɪ | pit |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- pomp met een tegengewicht die constant op en neer gaat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| jaknikkers | meervoud |
| jaknikkertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| jaknikkertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
[1] afgeleid van jaknikken ww met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van jaknikker
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| jaknikkers | meervoud | jaknikker |
| jaknikkertje | verkleinwoord | jaknikker |
| jaknikkertjes | verkleinwoord meervoud | jaknikker |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van jaknikker zijn vastgelegd.