inventaris
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het totaal aan ergens aanwezige voorwerpen en goederen
- boedelbeschrijving, lijst van ergens aanwezige voorwerpen en goederen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| inventarissen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘boedelbeschrijving’ voor het eerst aangetroffen in 1450
Woordfamilie van inventaris
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| inventarissen | meervoud | inventaris |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van inventaris zijn vastgelegd.