intercommunale
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- organisatie van twee of meer gemeenten die als doel heeft om taken van gemeenschappelijk belang uit te voeren
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| intercommunales | meervoud |
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van intercommunaal
Herkomst
Leenwoord uit het Franse communale, in de betekenis van ‘tussen verschillende gemeenten’, met het voorvoegsel inter-
Woordfamilie van intercommunale
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| intercommunales | meervoud | intercommunale |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van intercommunale zijn vastgelegd.