inmaakpot
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een glazen pot waarin voedsel na verwarming luchtdicht langdurig bewaard kan worden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| inmaakpotje | verkleinwoord, enkelvoud |
| inmaakpotjes | verkleinwoord, meervoud |
| inmaakpotten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van inmaken ww en pot zn
Woordfamilie van inmaakpot
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| inmaakpotje | verkleinwoord | inmaakpot |
| inmaakpotjes | verkleinwoord meervoud | inmaakpot |
| inmaakpotten | meervoud | inmaakpot |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van inmaakpot zijn vastgelegd.