inlegkruisje
zelfstandig naamwoord /ˈɪn.lɛxˌkrœy.ʃə/Betekenis
- een dunne vorm van het klassieke maandverband, dat door vrouwen in de onderbroek gedragen wordt op de dagen waarop men niet, of licht menstrueert, zelfklevend maandverband
- een dunne vorm van het klassieke maandverband maar dan voor opvangen van ongewenst urineverlies bij mannen
Hoe spreek je inlegkruisje uit?
/ˈɪnlɛxˌkrœyʃə/
Inlegkruisje bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɪ | pit |
| n | nek |
| l | land |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| k | kat |
| r | rood |
| œy | huis |
| ʃ | sjaal |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — neuter
- dunne vorm van het klassieke maandverband, dat door vrouwen in de onderbroek gedragen wordt op de dagen waarop men niet, of licht menstrueert, zelfklevend maandverband
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| inlegkruisjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
alleen verkleinwoord; samenstelling van inleg ww en kruisje
Woordfamilie van inlegkruisje
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| inlegkruisjes | verkleinwoord meervoud | inlegkruisje |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van inlegkruisje zijn vastgelegd.