inburgeringsexamen
zelfstandig naamwoordBetekenis
- examen dat immigranten moeten afleggen voordat ze zich definitief in Nederland mogen vestigen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| inburgeringsexamens | meervoud |
| inburgeringsexamentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| inburgeringsexamentjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van inburgering en examen met het invoegsel -s-
Woordfamilie van inburgeringsexamen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| inburgeringsexamens | meervoud | inburgeringsexamen |
| inburgeringsexamentje | verkleinwoord | inburgeringsexamen |
| inburgeringsexamentjes | verkleinwoord meervoud | inburgeringsexamen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van inburgeringsexamen zijn vastgelegd.