ijsman
zelfstandig naamwoordBetekenis
- man die consumptie-ijs verkoopt
- man die uitzonderlijk goed bestand is tegen koude temperaturen
- bevroren, mannelijk lijk
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ijsmannen | meervoud |
| ijsmannetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| ijsmannetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van ijs zn en man zn
Woordfamilie van ijsman
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ijsmannen | meervoud | ijsman |
| ijsmannetje | verkleinwoord | ijsman |
| ijsmannetjes | verkleinwoord meervoud | ijsman |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ijsman zijn vastgelegd.