ijsbank
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een zitbank van ijs
- een opeengestapelde hoeveelheid ijs
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ijsbanken | meervoud |
| ijsbankje | verkleinwoord, enkelvoud |
| ijsbankjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van ijs zn en bank zn
Woordfamilie van ijsbank
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ijsbanken | meervoud | ijsbank |
| ijsbankje | verkleinwoord | ijsbank |
| ijsbankjes | verkleinwoord meervoud | ijsbank |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ijsbank zijn vastgelegd.