huwelijksovereenkomst
zelfstandig naamwoord ˈhywᵊləksˌovərˌeŋkɔmstBetekenis
- het vermogensrechtelijke contract dat huwelijkspartners bij het sluiten van een huwelijk met elkaar afspreken
Hoe spreek je huwelijksovereenkomst uit?
/ˈhywələksˌovərˌeŋkɔmst/
Huwelijksovereenkomst bestaat uit zeven lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| h | hoed |
| y | fuut |
| w | quiz |
| ə | de |
| l | land |
| k | kat |
| s | sok |
| o | boot |
| v | vis |
| r | rood |
| e | veel |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| huwelijksovereenkomsten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van huwelijk zn en overeenkomst zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van huwelijksovereenkomst
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| huwelijksovereenkomsten | meervoud | huwelijksovereenkomst |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van huwelijksovereenkomst zijn vastgelegd.