huurstijging
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het bedrag of het percentage waarmee de huur (per jaar) omhoog gaat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| huurstijgingen | meervoud |
| huurstijginkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| huurstijginkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van huur zn en stijging zn
Woordfamilie van huurstijging
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| huurstijgingen | meervoud | huurstijging |
| huurstijginkje | verkleinwoord | huurstijging |
| huurstijginkjes | verkleinwoord meervoud | huurstijging |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van huurstijging zijn vastgelegd.