huidskleur
zelfstandig naamwoord ˈhœytsklørBetekenis
- kleur van de (menselijke) huid (met name als etnisch of raciaal kenmerk)
Hoe spreek je huidskleur uit?
/ˈhœytsklør/
Huidskleur bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| h | hoed |
| œy | huis |
| t | tak |
| s | sok |
| k | kat |
| l | land |
| ø | deur |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- kleur of tint van de (menselijke) huid (met name als etnisch of raciaal kenmerk)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| huidskleuren | meervoud |
| huidskleurtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| huidskleurtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenvertaling van Duits Hautfarbe, aangetroffen vanaf de 19e eeuw, ingevoerd na de verschijning van de Nederlandse vertaling van de Duitse etnoloog Johann_Friedrich_Blumenbach , Über die natürlichen Verschiedenheiten im Menschengeschlechte (Leipzig, 1798).
Woordfamilie van huidskleur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| huidskleuren | meervoud | huidskleur |
| huidskleurtje | verkleinwoord | huidskleur |
| huidskleurtjes | verkleinwoord meervoud | huidskleur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van huidskleur zijn vastgelegd.