hotelovernachting
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het verblijven in een hotel en daar de nacht doorbrengen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hotelovernachtingen | meervoud |
| hotelovernachtinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| hotelovernachtinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Samenstelling van hotel en overnachting
Woordfamilie van hotelovernachting
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hotelovernachtingen | meervoud | hotelovernachting |
| hotelovernachtinkje | verkleinwoord | hotelovernachting |
| hotelovernachtinkjes | verkleinwoord meervoud | hotelovernachting |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hotelovernachting zijn vastgelegd.