hotelcomplex
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een overnachtingsplaats voor toeristen met al zijn bijgebouwen.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hotelcomplexen | meervoud |
| hotelcomplexje | verkleinwoord, enkelvoud |
| hotelcomplexjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van hotel en complex
Woordfamilie van hotelcomplex
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hotelcomplexen | meervoud | hotelcomplex |
| hotelcomplexje | verkleinwoord | hotelcomplex |
| hotelcomplexjes | verkleinwoord meervoud | hotelcomplex |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hotelcomplex zijn vastgelegd.